Donderdag 5 november 2020 in Vitelia Voeders

Bedrijfsreportage: Melkveehouderij Klein Kullen, Epen

We zijn op bezoek bij melkveehouderij Klein Kullen van de familie Vanderheijden in Epen, het meest zuidelijk gelegen dorp in Nederland. Naast het melkvee heeft de familie - in het pittoresk dorpje in het Zuid-Limburgse Heuvelland - ook een camping en drie appartementen, die door het jaar heen verhuurd worden.

Dagvers heuvelgras voor Limburgse koeien

Het bedrijf van:

 Jos (38) en Mieke (38) Vanderheijden uit Epen

Bedrijfsomvang:

145 melkkoeien, 100 stuks jongvee, 68 ha. gras en 12 ha. mais

In gesprek met:

Jos (eigenaar) en Sjef Vanderheijden (vader van Jos)

Jos Vanderheijen runt samen met zijn vrouw Mieke en drie kinderen; Maud, Finn en Nick het melkveebedrijf in Epen. De ouders van Jos, Sjef en Elian Vanderheijden, zijn ook nog steeds betrokken bij het bedrijf maar proberen het inmiddels wat rustiger aan te doen. 

In de jaren ’60 hielden de grootouders van Jos en ouders van Sjef 20 stuks melkkoeien op deze locatie. Rond die tijd bouwden zij er ook een varkensstal bij. Sjef Vanderheijden vertelt:  “1976: ook zo’n droog jaar, was het jaar dat ik in het bedrijf ben gegaan met mijn ouders. Toendertijd hebben we een ligboxenstal voor 60 koeien gebouwd en groeide de melkgift door tot 450.000 kilo melk.” 

Toen zoon Jos in 2006 in de maatschap kwam, zijn er plannen gemaakt om de huidige ligboxenstal te gaan bouwen. Inmiddels was het quotum opnieuw doorgegroeid naar 600.000 kg. 

Uiteindelijk is de nieuwe stal in 2009 gerealiseerd met als doel om het jaar erna met twee melkrobots  ruim 1.000.000 kg  te gaan melken. 

Jos vervolgt: “In 2012 zijn we gestopt met de varkens (300 stuks). Met de varkens konden we niet meer aan de emissie-eisen voldoen. Omdat we tussen 2010 en 2015 te weinig quotum hadden, moesten we flink quotum bij-leasen.” 

Toen het quotum eraf ging  heeft het familiebedrijf vaart gemaakt en er een stapje bijgedaan. In 2015 werd ruim 1,7 miljoen kilo melk gemolken.

Inmiddels zijn er fosfaatrechten bijgekocht en is er een derde robot geplaatst. Hierdoor creëert men de mogelijkheid om 1,8 miljoen kg melk op jaarbasis te produceren. Op het bedrijf van de familie Vanderheijden worden nu 145 koeien gemolken met behulp van drie robots. 

De melkproductie per koe is 11.500 kg per jaar. De gehaltes zijn: 4,05% vet en 3,49% eiwit. 

Jos: “Ik ben vooral trots dat we de stap naar 1,8 miljoen kilo melk hebben kunnen maken. Ondanks de ellende met eerst het quotum en daarna de fosfaatrechten hebben we toch rendement weten te behouden om stappen te kunnen maken. Het is ons toch maar gelukt! Ik heb in die jaren ook nog altijd als loonwerker ernaast gewerkt, anders was dit waarschijnlijk ook nooit gelukt. De komende tijd zullen we verder nadenken over een nóg beter rendement.”  

Sommige mensen weten gewoonweg niet waar melk vandaan komt

Camping als uithangbord voor de sector

De boerderijcamping is in 1986 door Sjef en Elian opgestart met drie standplaatsen. Enkele jaren later zijn daar vakantieappartementen aan toegevoegd. Inmiddels heeft de boerderijcamping vijftien kampeerplaatsen en zijn er door het hele jaar heen drie vakantieappartementen beschikbaar voor de verhuur.

De campingplaatsen worden van maart tot november verhuurd. In het hoogseizoen zijn er dan circa 80 recreanten op de camping. Naast een extra inkomen, is de camping ook van toegevoegde waarde voor het imago van de sector. Jos vertelt; “Het is goed om recreanten mee te nemen in het reilen en zeilen op de melkveehouderij. Sommige mensen weten gewoonweg niet waar melk vandaan komt. Soms staan er dan ook tientallen campingbezoekers te kijken naar de activiteiten op en rondom de boerderij. De geboorte van een kalfje is leuk om bij te wonen voor recreanten, maar als een koe niet wil gaan liggen omdat er teveel nieuwsgierige mensen bij het strohok staan, is het ook wel eens lastig. Deze momenten horen er ook bij. Vroeger versterkte de recreatie het melkveebedrijf financieel, tegenwoordig is het meer een extraatje.

Door het coronavirus stond de camping leeg en dan merk je dat de camping tóch meer werk is dan dat je eigenlijk zou verwachten. Je wilt als gastheer toch iedereen kwaliteit bieden, en dat kost tijd en energie.”  

Ondanks de ellende met het quotum en de fosfaatrechten hebben we toch rendement weten te behouden

Dagvers gras voor de koeien

Op de melkveehouderij van de familie Vanderheijden wordt zomerstalvoeren in combinatie met weidegang toegepast, dus er wordt maximaal gras gevoerd. Met behulp van een ZeroGrazer wordt dagvers gras gemaaid, opgeraapt en direct naar de koeien gebracht.  

Toen de familie Vanderheijden van 1,7 miljoen kilo melk terug naar 1,3 miljoen kilo melk moesten, hadden ze meer dan voldoende gras in de kuil. 

Aldus Jos: “Met het inkuilen van gras was ik van mijn bestendige eiwitten onbestendige eiwitten aan het maken, dit was ik helemaal beu. Vanuit de basis gedacht is natuurlijk niets zo goed voor de koe als vers gras.” Jos was altijd opzoek naar bestendig eiwit en zat ook altijd aan de bovenkant wat betreft de krachtvoerkosten. Daarom zijn ze drie jaar geleden gaan proefdraaien met zomerstalvoeren. Dit is inmiddels het derde seizoen dat het zomerstalvoeren wordt toegepast. Drie jaar geleden heeft hij voor het eerst proefgedraaid na de eerste en tweede snede. “Destijds wilde het door de droogte die zomer (2018) niet echt lukken met de derde snede, maar het najaarsgras ging vervolgens wel heel mooi. Na een half jaar proefdraaien was de overtuiging dat het genoeg rendement oplevert,” vertelt Jos. 

Krachtvoerkosten zijn flink omlaag gegaan en het streven is maximaal vers gras voeren met behoud van productie.

De krachtvoerkosten zijn inmiddels flink omlaag gegaan. Het streven is maximaal vers gras voeren met behoud van productie. Dit om krachtvoer- en ook loonwerkkosten te drukken. Afgelopen jaar is er ongeveer 10kg product mais bijgevoerd, dit was aan de krappe kant. 

Jos denkt dat hij gemiddeld een half uur per dag langer met voeren bezig is dan wanneer hij ‘gewoon’ met de mengvoerwagen voert. In de  wintermaanden wordt er uit de kuil gevoerd. Hierdoor is er sprake van slechts tweederde van de jaarlijkse loonwerkkosten.  

Volgens de kringloopwijzer is de opbrengst van het grasland gestegen sinds het  zomerstalvoeren. In het voorjaar en najaar gaat het vanzelf. In het voorjaar begint Jos te maaien wat hem zeer smakelijk gras oplevert. Door in de zomer erg veel te maaien zorgt dit voor voldoende hergroei. Dit houdt de grasmat ook nog eens mooi schoon. Momenteel mis je wel wat productie omdat het gras door de droogte slecht is. Het najaarsgras wordt met het vers voeren echt optimaal benut.  Vooral in de droge zomer is de ZeroGrazer optimaal. Door de opraapband kan er ook in de zomer bij relatief weinig droge stof per hectare toch worden gemaaid. De opbrengst per hectare is heel verschillend. 

Nu haal ik in de zomer maar 500kg drogestof per hectare, terwijl ik soms in het voorjaar wel 2500kg drogestof per hectare haal. Het doel is om op 1800kg drogestof per hectare uit te komen. Het grasland is beter geworden door het zomerstalvoeren. 

Jos:  “Nu ben ik alweer voor de zesde keer rond. In totaal ga ik er tien keer per jaar overheen. Het dubbele van gewoon maaien dus. Aanvankelijk lijkt dit vaker dan bij inkuilen, dus meer rijschade dan bij inkuilen. Maar bij het inkuilen moet er gemaaid, geschud, geharkt en gehakseld worden. Met mijn ZeroGrazer hoef ik er dus een stuk minder op. 

Het is nu al voor het derde jaar erg droog. De sneden waar nagenoeg niets op staat, zijn duur om in te kuilen. Met de ZeroGrazer kan ik zelfs de korte sneden  goed maaien en oprapen.” 

We vragen Jos Vanderheijden wat hij melkveehouders als tip zou willen meegeven die mogelijk willen gaan zomerstalvoeren: “Voordat je eraan begint moet je erin geloven. De koe heeft minder kans op pensverzuring of dunne mest. Daarbij geldt vroeg beginnen en niet te oud maaien. Je moet niet bang zijn voor rantsoenverschillen. Door het vers gras verandert het rantsoen en schommelt de productie heel erg. Het graslandbeheer is belangrijker dan wanneer je het gras gewoon inkuilt. Deze extra tijd moet je er wel voor over hebben, en je moet er natuurlijk de tijd voor hebben. In de zomer moet je ook op zondag anderhalf uur rijden om het verse gras voor de koeien te krijgen.” 

Toekomstplannen al klaar?

Op de vraag naar de toekomstplannen van het bedrijf lacht Jos: “Haha, voorlopig eerst maar eens stabiliseren. In het afgelopen decennium zijn we verdriedubbeld. Nu moet er eerst verder geoptimaliseerd worden. Afhankelijk van wat de kinderen in de toekomst willen komt er misschien nog wel een robot bij. Eerst de financiering onder de halve cent krijgen, en daarna kijken we wel weer wat voor stappen we kunnen maken. 

Daar komt bij dat we op deze locatie bijna vol zitten, als we kijken naar het bouwblok. In alle eerlijkheid is de arbeid momenteel ook wel een kritiek punt. Mijn ouders hebben een stapje terug gedaan. Als er meer arbeid op mij afkomt, kom ik tijd te kort. Mieke beheert de camping, maar heeft er ook nog een baan naast. 

Uiteindelijk blijft het toch afhankelijk van welke kansen er zich voordoen. Ik streef ernaar om op termijn twee miljoen liter melk te melken. Maar voor nu wil ik vooral aan het rendement blijven denken.”